Klassenapp
De oudste dochter van een vriendin werd afgelopen zomer 4 jaar. En daarmee deed mijn vriendin haar intrede in de wondere wereld van de basisschool. Gelukkig wist ze dankzij het lezen van mijn columns al dat de serie ‘De Luizenmoeder’ geen fictie is, maar pure realiteit. Dat er zaken bestaan als ‘verdeelbakjes voor in de broodtrommel’, dat die dingen kwijtraken én dat dit met regelmaat gedeeld wordt in de klassenapp. Dat er sowieso een hoop kwijt raakt in zo’n schoolklas. En dat deze spullen altijd via de klassenapp hun weg weer terugvinden naar de rechtmatige eigenaar.
Zo’n klassenapp is een verlengstuk van jezelf. Het is een vraagbaak, orakel, agendatool en plek voor onverwerkte jeugdtrauma’s. Het is een klaagbank, een vat vol verwijten en een plek voor troost. Kortom: het is een plek waar je je ogen uitkijkt.
Geen wonder dus, dat mijn vriendin de weg naar de klassenapp zolang mogelijk uitstelde. Tot er geen ontkomen meer aan was. En dus stapte zij (en haar vriend, want hé, anno 2025 zitten beide ouders in de app) afgelopen maand in de achtbaan.
Niet lang daarna appte ze me: “Maartje, ik ben blij dat ik erin ben gegaan. Vandaag is er een boswandeling.”
Nu is een boswandeling met een stel kleuters niet zo spannend. Zou je denken. Maar wacht. Want de jas van een van de koddige koters was niet waterdicht. En toen brak niet alleen de hemel open, maar ook de hel los:
“De jas van x is niet waterdicht, dus dit slaat helemaal nergens op!!”
“Ja ik vind het ook geen fijn idee. Het komt met bakken uit de lucht.” Voegde een andere ouder aan het jassendebacle toe.
De vader die met de arme-schaapjes-van-suiker mee naar het bos was, probeerde de gemoederen nog te sussen met woorden als ‘We schuilen nu in een hut’ en ‘Ik zie alleen nog maar blije koppies. Komt goed!’
Maar het kwaad was al geschiet. Er werd geliked, gereageerd en aangevuld: “Als ik jullie moet komen halen, geef maar een seintje!!”
Ik zou willen dat ik dit verzonnen had. Maar ik heb het bewijs helaas gezien. In de vorm van een screenshot van het Whatsappgesprek. Helaas niet in de vorm van een doorweekt kind met een niet-water-dichte-jas.
Gelukkig was er een moeder die het beu was en eigenhandig korte metten maakte met de ontplofte app. De strekking? Kinderen op de basisschool komen buiten. Je woont in Nederland. Daar regent het. Dus koop een wind- of waterdicht jack of een regenpak en schaf een stel laarzen aan. Stop eventueel een droog setje in de tas. EN MAUW NIET.
Oké dat laatste stond er niet bij. Maar dat klonk er wel een beetje in door. En terecht.
Hoezo staan we te miepen over kinderen die natregenen? Over ophalen/wegbrengen? Waarom juichen we niet toe dát kinderen buitenspelen? Dat ze eropuit gaan met de klas. Dat ze (om de hoek!) in een bos spelen. Het is dezelfde klas die met acht (!) auto’s naar een dinomuseum 30 kilometer verderop (!) rijden (!) om een half uur (!) naar dino’s te loeren en een speurtocht te doen waar die koters van 4 jaar geen hout van begrijpen. Maar ja, dat is dan blijkbaar weer wél verantwoord.
En ik snap het: als ouder wil je je kind beschermen. Oprapen voordat hij of zij gevallen is. Zo veel mogelijk koesteren en obstakels uit de weg ruimen. Maar daarmee voorkom je ook dat een kind leert. Dat het dingen ervaart. En ja, daar hoort in Nederland een nat pak bij. Ik vraag me af hoe deze kinderen later naar de middelbare school fietsen. Of worden ze dan ook geëscorteerd? Met de auto gebracht en daarna onder de paraplu naar de voordeur begeleid?
Ik hoop het niet. Maar ik vrees het wel.
Dus, laten we collectief het volgende (Scandinavische) motto omarmen: “Slecht weer bestaat niet. Alleen slechte kleding.” Dat weet de mama van het doorweekte kind vanaf nu ook.




Van een bietje regen is nog nooit…..maar ja, men voelt al snel nattigheid….en dan beland je van de regen in de drup…..
Geweldig Weer, Maartje!!
En de dubbelzinnigheid is expres 🤣.