Pijnlijk
“Au, au, het gaat écht niet,” zeg ik tegen mijn vader. “Papa, mijn voetjes doen zó pijn!” Ik ben vier jaar oud en wandel met mijn vader door het bos. Of ja, ‘wandel’: ik hink, stap en struikel. Lopen lukt me niet. Mijn vader zegt dat we er zo zijn. “Banden oppompen, Maartje,” wat synoniem staat voor: beetje lucht erbij en weer gaan. Maar het lukt niet. “Mijn voetjes doen écht te zeer,” zeg ik met een sip gezichtje. Het is nog maar even, dan zijn we er.
Eenmaal thuis trekt mijn moeder mijn laarsjes uit. Er rollen tien eikeltjes en beukennootjes uit. Per laarsje. En tja, dat loopt inderdaad niet zo lekker.
Ik kan het mijn vader niet kwalijk nemen. De kans was namelijk vele malen groter dat er helemaal niks met mijn voetjes aan de hand was. Met mijn theaterskills zat het namelijk wel goed (ik zei ooit na een valpartij tegen mijn neefjes en nichtjes: “laat mij hier maar zitten, met mijn zere knie.”). En met mijn doorzettingsvermogen soms wat minder. Maar soms blijkt één en één dus niet twee te zijn.
Mijn vriend is van een ander kaliber. Die meldde in het begin van onze relatie ‘dat hij wat later thuis was, omdat hij nog even langs het ziekenhuis ging om zijn hoofd dicht te laten plakken’. Bleek hij tijdens zijn voetbalwedstrijd een gat in zijn hoofd te hebben opgelopen.
Onze kinderen zijn dus, zoals je had kunnen verwachten, een soort mengelmoes. Op het voetbalveld noem ik onze oudste liefkozend de bulldozer. Tegelijkertijd doet hij de bijnaam 'man van glas' ook regelmatig eer aan. Gisteren nog, toen er een lichte kras op zijn arm te zien was. Of ja, lichte kras, het was een inkeping van jewelste. Aldus meneer. Aanraken van de diepe wond mocht natuurlijk niet. Eigenlijk mochten we er zelfs niet eens naar kijken. Dus toen wij hem na het eten vriendelijk verzochten om te gaan douchen, was dat uiteraard een onmogelijke opgave. Dat kan écht niet. Iets met ‘vreselijk zeer’, ‘openspringen van de wond’ en ‘hoe moet ik mijn haren wassen als ik maar één arm heb?’. Kortom: drama. Schoffel je hem onderuit op het voetbalveld, dan geeft hij geen kik.
Toen, na heel wat kunst- en vliegwerk, het haar gewassen was en het kind afgedroogd, pakte mijn vriend hem vriendelijk bij zijn arm om hem naar zijn slaapkamer te begeleiden. Op de wond ja. Het kind gaf geen kik. Die zat met zijn hoofd al bij de volgende etappe: lezen, gamen of iets anders dat de gedachte aan een levensbedreigende armwond als sneeuw voor de zon doet verdwijnen.
Net zoals die keer dat hij ‘niet kon lopen van de rugpijn’, maar na het zien van een trampoline riep: “Wie wil er mijn backflip zien?”. Of enorme buikpijn had, totdat bleek dat we frietjes gingen eten. Gigantische teenpijn (ja, echt). Kolossale oorpijn. Last van z’n heup. Het blijkt herkenbaar: menig ouder kan een waslijst aan klachten opsommen waar zijn of haar kindlief deze week mee kampte.
En daarom geef ik ze hier thuis alle drie gewoon volle bak aandacht als het om pijn gaat. Zuster Maartje schiet te hulp en kijkt wat het beste redmiddel is: even aankijken, pleister/kusje erop, iets ter afleiding of gewoon een goed gesprek. Niet elk pijntje is ernstig, maar soms blijken er gewoon tien eikeltjes in een laars te zitten.




Haha zeker herkenbaar. Ik heb ook zo'n bikkel. Valt even 3 tanden (met wortel en al) uit zijn mond... Na 5 minuten was hij stil en vraagt 'Hoelaat i de kermis morgen open?' Hij was daar namelijk gevallen met zijn gebit op de ijzeren rand van de botsauto's.. Voor mij is een kermis nooit meer hetzelfde. En ook gaten in hoofden en dooooooor. Ik 20 jaar ouder per keer maar we gaan ook door ;-) Ik wilde een jongen en ik heb een echte jongen 'gekregen' haha.
Hihi, inderdaad herkenbaar. Gisteren nog een wondermiddeltje (geurende lotion) gebruikt voor de zere knie van onze dochter waarvan ze de pleister (na dagenlang dragen) nog niet wilde verwijderen. En dat terwijl ze er niets aan heeft. Ik had meer moeite om de pleister restanten te verwijderen. 😅