Septemberchaos
“Oh kijk mam! Leuheuuuuk!” zegt de middelste terwijl er een uitnodiging voor een kinderfeestje op de mat ligt. Ik leg hem op de stapel met andere uitnodigingen. Daarvoor moet ik eerst de stapel met formulieren voor allerlei sporttoernooien (schoolvoetbaltoernooi, schoolhockeytoernooi, schooltennistoernooi) aan de kant schuiven. Terwijl ik dat doe valt het briefje met de mogelijke datums voor de tienminutengesprekken van tafel. En als ik dat briefje opraap zie ik dat er op de grond een lijstje ligt met daarop de voetbalwedstrijden van de oudste.
Het is september en elke ouder weet dat die maand logistiek NIET TE DOEN is.
Op school zijn er kennismakingsgesprekken, rondleidingen door de klas, tienminutengesprekken en klassenfoto’s. Bij de sportvereniging starten de trainingen + wedstrijden én zijn er proeftrainingen voor de ‘net-klaar-met-zwemles-dus-nu-mag-je-eindelijk-op-een-leuke-sport-kinderen’. Mijn middelste wil zijn geluk beproeven bij tennis. De proeftrainingen zijn op zondag. Een mooie dag. Ware het niet dat er in september óók drie familiedagen in het weekend zijn. Maar goed, ik zou niet weten welke dag überhaupt wél handig zou zijn.
Doorschuiven naar oktober dan? Hm dan zijn er sporttoernooien, is er een sportdag van school en oh ja, ook nog een week herfstvakantie. In november wordt het kouder én staat die man met de baard alweer te trappelen. Tot 6 december kaapt hij het hele schema, om daarna het stokje door te geven aan die andere man met de baard. Kortom: ook in november en december is het óók chaos.
Gelukkig hebben al die activiteiten wel een prachtige uitwerking op mijn kinderen: ze vinden het leuk op school (tot nu toe dan hè, we zijn pas enkele weken onderweg), ze sporten zich rot bij de lokale sportclub en ze spreken in en om het dorp af met vriendjes. Dat zorgt er tevens voor dat ze ‘s avonds moe maar voldaan zijn. En lekker rustig hun bed in duiken.
Ha-ha.
I wish.
Vooral de oudste komt telkens met de boodschap: ‘ik kan niet slapen’. Hij is niet bang, heeft geen pijn, ligt niet te piekeren. Hij kan simpelweg niet slapen. En daarom probeert hij de gang naar zijn bed telkens wat te verlengen. Nog één spelletje, nog éven wat drinken, mag ik nog hééél eventjes tv kijken dan?
Soms weet ik écht niet meer wat ik moet zeggen of doen om hem in bed te krijgen. Dan rest als enige een luid: “EN NU BEN IK ER KLAAR MEE. GA GEWOON NAAR BED. NU!” De middelste wees me laatst subtiel op het feit ‘dat ik altijd zeg dat we rustig moeten praten aan tafel, maar ik zelf wél hard mag roepen’.
Toen ik hem vertelde ‘dat ik soms knettergek word van al dat uitstelgedrag van de oudste en dan niet meer weet hoe ik moet reageren of wat ik moet doen’, kwam de middelste met een mooie oplossing. “Oh ja mam, das toch simpel? Je haalt een grote doos, maakt er een deurtje in. In die doos zet je een bordje lekkere pasta. Daar kruipt ie in. Dan doe je het deurtje dicht en zet je de doos op zijn kamer. In de slaapkamer doe je het deurtje van de doos open en de slaapkamerdeur dicht. En klaar!
Ik twijfel nog tussen deze optie of een overvolle ‘afspreek-en-sport-septembermaand’. Waarschijnlijk kies ik voor het eerste 😉.




Maar….je krijgt er heel veel voor terug! En in jouw geval….x3….bofkont 😉