What the Flip
“Eh, mam…” zegt de oudste aarzelend. “Hij zou natuurlijk ook in de tuin kunnen liggen.” Het is 7.27u en we zitten met een probleem. Een probleem dat zich acuut aandient in de ochtendspits. Een probleem dat ‘wellicht’ in de tuin op te lossen valt. Daarover later meer.
Het is vrijdagmiddag als de jongste vol trots het lokaal uit sjokt. Bepakt en bezakt. Want naast haar schooltas, sjouwt ze nog wat anders mee naar buiten. Of eigenlijk ‘iemand anders’. Yes, daar is hij weer. Het is Flip de Beer.
Flip is een dankbaar columnonderwerp. Ik schreef al eerder over hem. Of haar. Flip is vrij genderneutraal. En daar waar de oudste Flip + rugzakje mee naar huis nam en de middelste Flip + koffer, neemt de jongste Flip + trolley (boordevol accessoires voor de ‘skincareroutine’) mee. Een snelle rekensom leert dat er nu dus 4 kinderen, drie rugtassen, een trolley én een beer mee naar huis gaan. En we zijn op de fiets. Gelukkig heb ik ooit een filmpje van een bus in India gezien en sindsdien is niks me meer te gek. Opzadelen, proppen en instappen allemaal, we vertrekken!
De Flip-de-beer van de jongste is duidelijk uit een ander bouwjaar dan die van haar grote broers. Daar waar zijn voorgangers akelig mager waren, is dit meer een obesi-beer. Gewoon lekker gezellig rond. Om dat in stand te houden (én omdat we geen zin hebben om te koken, vooruit dan) eten we pizza. Flip valt met zijn neus in de spreekwoordelijke boter.
De rest van het weekend houden zowel Flip als zijn tijdelijke eigenaar zich koest. Moe, enigszins overprikkeld van al het Sinterklaasgeweld, een lichte snotneus én een mini-winterdip zorgen voor een ‘Netflix-en-chill’-gevoel bij gastvrouw en logé. Stiekem denk ik dat Flip het heerlijk vindt om even te relaxen. Want als ik de verslagen moet geloven gaat hij elk weekend flink op rak.
Flip ‘hoeft niet mee naar opa en oma’, volgens de jongste. Want, ‘anders neemt x (haar nichtje) ‘m misschien mee naar huis. Nee, dat kunnen we niet gebruiken. Flip gaat ook niet mee naar het Sinterklaasfeest bij de andere opa en oma. Want, ‘hij houdt daar niet zo van’. Ah ja, oké. Het komt er praktisch op neer dat Flip alleen aanschuift als er wat te eten valt. Verder blijft hij lekker zitten waar hij zit.
Tot maandagochtend dus. Want waar de flip is Flip? Hij zit niet op zijn vaste stekkie. Hij ligt ook niet in bed van de jongste. Hij is ook niet gekaapt door haar oudere broers. Hij zit niet in de zelf gemaakte mini-bieb. Is ook niet in de badkamer. Op de wc is geen spoor van Flip te bekennen. Hij zit ook niet in de keuken. En zélfs niet in het kastje waar de koekjes liggen. “Eh, mam… Hij zou natuurlijk ook in de tuin kunnen liggen.”
Ik kijk met grote ogen naar de hond. Die onmiddellijk zijn onschuldige blik opzet. Ik kijk hem indringend aan. Maar zijn hele lijf schreeuwt ‘ik was het niet! Ik was het niet. Niet dit keer in ieder geval!’. Onze harige viervoeter heeft namelijk de neiging om (élke keer als hij de tuin in loopt) een leuk aandenken uit het huis mee te nemen. Sokken, poppetjes uit het poppenhuis, een stift en .. ja.. knuffels. Het zal toch niet hè? Ik trek mijn winterjas aan, knip de zaklamp op mijn telefoon aan en ga op onderzoek uit in de koude, donkere tuin. Het gras ziet wit van de vorst. Telkens wanneer ik iets ‘wit en ronds’ zie houd ik mijn hart vast. Maar ik vind niks.
We schakelen de externe hulplijn in. Degene die praktisch alles in huis kwijtraakt (daarover volgende week meer) en daardoor ook prima als zondebok dient. “Papaaa, we zijn Flip kwijt! Waar heb je ‘m gelaten?” vraagt mijn dochter door de telefoon. Maar ook hij weet niet waar hij Flip het laatst heeft gezien. We komen geen steek verder en de tijd tikt door. We moéten ‘m (liefst ongeschonden) terugvinden voordat we naar school moeten.
De oudste pakt het verslag van Flip erbij. Als een ware detective begint hij aan zijn zoektocht: “Hmm ik zie hier allemaal foto’s.” “Deze foto’s”, zegt hij terwijl hij naar een collage van foto’s van mijn dochter in Sinterklaasoutfit en Flip de beer wijst, “zijn als laatst gemaakt. Dan moet hij hier dus in de buurt zijn. Deze foto is hier in het halletje gemaakt. Ik ga even kijken!” Hij vertrekt naar de hal en schuift vakkundig de schuifdeur van de kast opzij. Eerst ziet hij niks, tot hij ineens roept: “Jaaa! Hier is Flip!” Hij trekt de beer achteruit het schoenenvak van de jongste. Hij ziet er een beetje verfrommeld uit. “Oh ja!” zegt de jongste verheugd, “dáár had ik ‘m verstopt. Nu weet ik het weer.”
Flip krijgt een snelle opfrisbeurt en ik deuk hem een beetje uit. Daarna gaat hij linea recta in de trolley en samen met drie tassen mee in de fietskrat. Op school is de juf direct enthousiast. “Ha! Hebben jullie het leuk gehad dit weekend?” vraagt ze enthousiast aan mijn dochter en aan Flip. Ja zeker juf. Zo leuk, dat Flip het liefst nog even wilde blijven… Maar dat laatste vertel ik er maar niet bij.



